Janine Jongsma schrijft (over) gedichten (schrijven)
Geboren in Boxmeer (1965) en woonachtig in Deurne (NB). Redacteur / Recensent bij Meander.
| “Geboren in Boxmeer (1965), maar ik woon al bijna mijn hele leven in Deurne (Zuidoost-Brabant). Deurne is het dorp uit het bekende liedje: ‘Het dorp’ van Wim Sonneveld. Met mijn hond loop ik dus regelmatig ‘over het tuinpad van mijn vader, waarlangs de hoge bomen staan’. |
De liefde voor taal is haar met de paplepel ingegoten. Zij komt uit een familie van schrijvers en journalisten. Het schrijven is voor haar dan ook als iets vanzelfsprekends. Haar poëzie is modern, toegankelijk en sfeerbepalend. Zij schrijft altijd beeldend en coherent. Vanaf 2012 is zij serieus bezig op dit terrein.
Zolang je de bron vermeldt mag je alles overnemen. Het is fijn als anderen je mening willen delen.
Janine 30 oktober 2018
Is mijn gedicht poëzie?
Jouw gedicht is klaar. Voor jouw gevoel klopt het. Toch slaat dan vaak de twijfel toe. Vooral beginnende dichters van het vrije vers worstelen met die ene vraag. Valt mijn gedicht onder poëzie? Is het wel een gedicht of meer een mijmering? Dat de vorm van het vrije vers zelf bepaald kan worden betekent niet automatisch dat je alle kenmerken van poëzie uit het oog mag verliezen. Feedback vragen aan anderen kan verhelderend werken. Opbouwende kritiek is prettig maar een beoordeling van een gedicht is altijd subjectief. Hieronder zes richtlijnen om zelf te beoordelen of jouw gedicht onder poëzie valt.
1 – Is het lezenswaardig?
Lezenswaardig betekent dat het niet alleen waarde voor jezelf heeft maar dat je er een groter publiek mee aanspreekt. Dit is het meest wezenlijke kenmerk van poëzie. Vraag jezelf af wat de toegevoegde waarde is van jouw gedicht. Biedt het herkenning of schud je de lezer wakker? Ontroert het of kom je cynisch uit de hoek? Roept het vragen op of zet je de wereld op zijn kop? Alles is goed zolang je de lezer maar iets brengt waardoor je hem aanraakt. Dan ga je voorbij de mijmering.
2 – Komt de emotie over?
Roept je gedicht emotie op bij de lezer of alleen bij jou? Wanneer je puur hebt omschreven wat jouw gevoel is, creëer je afstand tussen jou en de lezer. Die zit namelijk niet te wachten op jouw gevoel en stagneert als het ware. Dat is zonde en het tegenovergestelde van wat je wilt bereiken. De lezer verwacht dat jij bij hem gevoel teweegbrengt! Je zuigt hem in je gedicht door een gevoel uit jezelf zo te verwoorden dat het juist de ander raakt. Dan ontstaat er herkenning van een gevoel dat je samen deelt.
3 – Zeg je meer met minder?
Poëzie is geconcentreerder dan proza, je zegt veel meer met minder woorden. Zinnen kunnen een dubbele betekenis hebben. Schrap alle overbodige woorden en ben zo impliciet mogelijk. Ieder woord in je gedicht moet een functie hebben. Zorg voor een goede samenhang. Dat brengt de boodschap over en houdt de aandacht van de lezer vast.
4 – Maak je gebruik van stijlmiddelen?
Ook in het vrije vers staan alle stijlmiddelen tot je beschikking. Het gebruik ervan is een belangrijk kenmerk van poëzie. Niet alle stijlmiddelen hoeven gebruikt te worden. Het is maar net waar je voorkeur ligt. Wat de klank betreft maken bijvoorbeeld; alliteratie, herhaling, assonantie(klinkerrijm), rijm en ritme, je gedicht muzikaal. Stijlmiddelen die de betekenis betreffen brengen diepere lagen aan in je gedicht. Denk bijvoorbeeld aan beeldspraak, meerduidigheid (dubbelzinnigheid) en vergelijking.
5 – Ben je concreet en beeldend?
Abstracte begrippen zoals liefde en vrijheid brengen geen direct gevoel over en moet je vertalen naar concreet pakkende beelden. Geef een levendige voorstelling. Vermijd clichés en ben origineel. Dit doe je door gebruik te maken van associaties en metaforen. Speel met de taal en maak het spannend voor de lezer! Neem het abstracte begrip lente, in de eerste poëtische regel van het gedicht Februarizon beschrijft Paul Rodenko het prille begin hiervan in een concreet pakkend beeld. Je weet wat hij bedoelt zonder dat hij het woord lente gebruikt.
“Weer gaat de wereld als een meisjeskamer open”
6 – Hoe zit het met de vorm?
De vorm van het vrije vers kun je helemaal zelf bepalen. Toch een paar tips: een korte zin houdt de aandacht vast, ook in een gedicht zonder strofes. Het gebruik van strofes schept orde en biedt overzichtelijkheid. Als je strofes gebruikt dan is het mooier als ze op zichzelf een eenheid vormen en op natuurlijke wijze doorlopen in de volgende. Maar uiteindelijk bepaal jij dit helemaal zelf.
Iemand schreef in 2011: ” Een gedicht is pas echt goed als je er geen woord, letter of komma aan kunt veranderen zonder dat het gedicht in zeggingskracht verandert.”
Daarmee zijn wij het hartstochtelijk oneens. Dat is een eis die je mogelijk aan zeer formeel schrijvende dichters mag opleggen, nadat zij hun schrijven hebben… gewrocht. Wablief,… dat dus. Exclusief tot in de uitersten is mooi, maar vaak ontdaan van spontane invallen en vaak minder toegangelijk.
Eindrijm: gemakzucht, Sinterklaasrijm, valkuilen
Tegenwoordig zien we in de poëzie voornamelijk het gebruik van het vrije vers. Vroeger werd het eindrijm in een vaste vorm altijd toegepast. Het werd gezien als een voorwaarde voor goede poëzie. Dat is allang niet meer zo. Mijn voorkeur ligt ook bij het vrije vers omdat ik vind dat daar meer uitdaging in zit. Toch heb ik niets tegen eindrijm, ik maak er zelf soms ook gebruik van. Het gaat erom of een gedicht binnenkomt bij de lezer, op welke manier dan ook,
Blijven ontwikkelen
Wil je een goede dichter worden dan moet je in staat zijn om een constante kwaliteit te leveren door jezelf steeds te ontwikkelen en met minder geen genoegen te nemen. Janine heeft daarvoor heel goede overwegingen. Wellicht heb jij die ook ontdekt.